Dag 1: afvalrace

Yes, het is eindelijk zover!! Vandaag, zaterdag 31 januari 2015, zullen de eerste 93 km’s gefietst worden. Het begint als een schoolreisje, want de start ligt 30 km van ons luxueuze Kaskazi Beach hotel in Ukunda en daar worden we met de bus naar toe gereden. Aangekomen bij de start wordt er nog snel geplast én wordt er, uiteraard, een groepsfoto gemaakt.

De afspraak voor deze eerste dag is dat we als groep bij elkaar blijven, maar al in de eerste kilometers blijkt dit onhaalbaar. Vanaf het begin zitten er klimmetjes in het parcours en de krachtsverschillen binnen de groep zijn te groot om met z’n allen bijeen te blijven. De oplossing hiervoor is op elkaar wachten, maar ook dat blijkt al snel niet meer te werken. Rond 11 uur is het namelijk warm, écht warm. Zelf heb ik er niet echt last van, maar toch vind ik mezelf in de berm. Mensen zijn bevangen door de hitte en in de schaduw van een boom wacht ik met ze op de achterste jeep, de bezemwagen. In plaats van samen te genieten op de fiets worden er tranen van teleurstelling en onmacht vergoten. Bij de koffiestop op 30 km blijkt dat datgene waar we ons niet op konden voorbereiden, de warmte, al 8 mensen teveel is geworden. ACHT! Een kwart van de groep! Dat is niet wat we verwacht hadden.

Ergens in de achterhoede fiets ik rustig door. Ik voel me goed, geniet van het fietsen en van de groene omgeving. Als ik in een dorpje aankom vind ik iedereen schuilend in de schaduw. En moedeloos. Het is niet alleen heel warm, door de vele uitvallers én doordat we met z’n allen nog op zoek zijn naar een goed werkend ritme (Wanneer zijn de pauzes? Hoe werkt de GPS met de route? Hoe wordt deze route voor ons fietsers uitgezet?) is de voorste groep verkeerd gefietst. Of eigenlijk, ze fietsten goed, maar werden teruggehaald en een andere kant op gestuurd. Tot ze weer teruggehaald werden en duidelijk werd dat ze allereerst wél goed zaten. Ik ga rustig bij een groepje zitten, want natuurlijk heb ik het ook warm. Na een kwartiertje maak ik aanstalten om weg te gaan en willen mensen met me mee. Als ik echter daadwerkelijk wil gaan, blijven ze zitten. Het lood lijkt ze in de schoenen te zitten. Dan maar alleen door, want blijven zitten brengt je ook niet verder.

Een paar minuten later ben ik aan het klimmen over een rode zandweg, op het heetst van de dag, zonder beschutting en met niemand om mee heen. Ik begin me nu toch wel af te vragen waar we in vredesnaam aan begonnen zijn. Dat kan toch niet de bedoeling zijn zo? Na weer een paar kilometer komt een jeep me voorbij die aangeeft dat we gaan lunchen onder die grote boom, bovenaan de klim. Daar druppelt langzaam de rest van de groep binnen, met helaas weer wat minder mensen op de fiets en meer in de bezemwagen.

Er is nog altijd een grote groep die door wil, en ik hoor daar bij. De middag is het vooral een strijd tegen de hitte. Eentje waarbij ik meerdere keren tegen de misselijkheid aanzit. Het wordt daarom fietsen in blokken van een half uur – drie kwartier, net zo lang als het lichaam aangeeft dat het nog wil, om dan af te koelen in de schaduw, goed te drinken, wat te eten en te wachten tot Ernst langs komt om me weer de fiets op te jagen.

Richting het eind van de middag stuitten Teun, Erik, Ernst en ik op een klein winkeltje, naar het lijkt in the middle of nowhere. Teun komt met het idee daar een colaatje te kopen. Fantastisch idee, want niet alleen kosten ze slechts €0,30 ook knappen we er wat van op, van die suikershot. Vanaf toen wist ik dat het ging lukken, het begon namelijk wat koeler te worden. Wel werd het vanaf toen een solo-rit, want ik kon Teun en Ernst niet bijhouden en mijn tempo lag weer boven dat van Erik en de anderen die zich inmiddels bij ons hadden aangesloten. Die laatste anderhalf uur heb ik dus alleen afgelegd, een rit waar ik op een gegeven moment chagrijnig en emotioneel werd en toen aan een ritje met de Aloha-dames moest denken waar Carmen dat voorbeeld gaf. Wat je dan moet doen? ETEN! Dus ik grabbelde een reepje naar boven, at wat, dronk wat en ging door. Al snel merkte ik dat ik weer happy was en met een glimlach zat te genieten van de Afrikaanse zonsondergang. Het duurde en duurde, maar uiteindelijk kwam een van de jeeps terugrijden vanaf het kamp. Om te kijken hoe het met mij en de andere overblijvers ging én met het nieuws dat ik nog maar 5 km had te gaan. Het ging dus écht lukken! Net voordat het donker werd was ik binnen, met een heus ontvangstcomité dat me als een held binnenhaalde. Iets wat ik daarna ook kon doen voor de overige binnenkomers.

In totaal hebben 16 van de 34 mensen de finish gehaald. Dat was absoluut niet hoe we het voor ons zagen. Als ik echter zie hoe we als groep bij die finishstreep gingen staan, hoe de mensen die overdag in de jeep zaten weer enthousiast werden en de anderen gingen helpen en aanmoedigen, hoe er nog gelachen en gegeind kon worden… Dan komt het wel goed met ons. Misschien halen we niet allemaal de vooraf geplande 750 kilometer, we doen er wel ons stinkende best voor!

p.s. hier mijn Strava-update van dag 1: https://www.strava.com/activities/255672290

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s